Week 5: Librarything deel 1 (werk)

13 03 2008

Ik las laatst op een blog (ik niet meer welke, dus ik kan helaas niet backtracken) dat met week 5 en met name met librarything pas het echte bibliotheekwerk begon.

Misschien geldt dat voor veel bibliotheken, openbare dan wel speciale, maar voor biomedische (en andere beta?-) bibliotheken gaat dat niet op. We nemen steeds meer ons toevlucht tot wetenschappelijke artikelen en dan niet meer in de gedrukte tijdschriften, maar de electronische formats. Deze doorzoeken we doorgaans via biomedische databases als PubMed.

We hebben nog wel boeken in de bieb, maar dat zijn met name studieboeken, tekstboeken, handboeken en proefschriften. Vooral studenten maken er nog veel gebruik van. Specialisten hebben meestal enkele bijbels in hun eigen kast staan.

Dat komt omdat er in de biomedische wetenschap veel onderzocht en gepubliceerd wordt. Boeken over actuele medische onderwerpen verliezen hun nieuwswaarde snel.

Onze bibliotheek past zich aan, steeds meer boekenstellingen verdwijnen en maken plaats voor computers, studietafels en zitzakken. Onze bibliotheek wordt van een echte boekenbibliotheek tot een studiezaal tot (in mijn ogen bijna) een hangplek voor jongeren. Ons budget gaat allang niet meer zitten in boeken, maar meer in de aanschaf van bestanden en electronische tijdschriften. Ons werkt verschuift van catalogiseerder en afstoffer naar zoeker, adviseur en leraar.

Dit wordt wel mooi geillustreerd, bedacht ik net, door de Cochrane Library. Anders dan de naam doet vermoeden is dit geen bibliotheek maar een verzameling van databases, waaronder de Cochrane database of Systematic Reviews.

Nee helaas, Librarything heeft ons als medische bibliotheek heel weinig te bieden.

Clib wiley